|
Nieuwsbrieven
4.1 Merken, zwakke versus sterke terug
Het is van belang te weten wat een merk kan zijn en wat niet. De wettelijke omschrijving zegt hierover: Als individuele merken worden beschouwd de benamingen, rekeningen, afdrukken, stempels, letters, cijfers, vormen van waren of van verpakking en alle andere voor grafische voorstelling vatbare tekens, die dienen om de waren en diensten van een onderneming te onderscheiden.
Termen die in deze omschrijving opvallen zijn: om de waren en diensten van de onderneming te onderscheiden. Dit onderscheidend vermogen kan ook worden uitgedrukt in woorden als identificeren of geschiktheid. Het merk moet geschikt zijn om de waren te onderscheiden en het moet een bepaalde identiteit waarborgen voor de onderneming.
Wie bepalen nu eigenlijk of het merk voldoende onderscheidend is of dat het voldoende identiteit heeft? Volgens de wet wordt dit getoetst door middel van: het relevante publiek dat bestaat uit de normaal geïnformeerde en redelijke omzichtige en oplettende gemiddelde consument. Vertaald wordt dat ook wel naar publiek, dat veelal in aanraking komt met de betrokken waren en/of diensten.
Wanneer kan een merk ingedeeld worden in een zwak of sterk merk?
Zwakke merken kenmerken zich door weinig opvallende en onduidelijke onderscheidingstekens. Ze kunnen ook de indruk maken te verwijzen naar de aard of hoedanigheid van het product, waardoor het niet als individueel onderscheidingsteken wordt gezien. Sterke merken zijn onderscheidende tekens die origineel van karakter zijn. Ze zijn vaak fantasievol en uniek. Dit is geen vereiste voor het onderscheidend vermogen, maar het hebben van een sterk merk kan een aantal voordelen hebben ten opzichte van een zwak merk. Er kan met een sterk merk gemakkelijker een positionering worden ingenomen. Het merk is juridisch beter te verdedigen.
Woordmerken en woordbeeldmerken
Een woordmerk bestaat alleen uit een woord dat het individuele merk voorstelt. Bij een beeldmerk is een visueel aspect het merk. Kortom het merk bestaat uit een plaatje. Bij een combinatie van die twee betekent het dat een woord in een beeld is weergegeven, waardoor een grafische voorstelling ontstaat. In juridische zin is een woordmerk sterker dan een beeldmerk. Een woordmerk heeft namelijk een tijdloos uiterlijk in zich. Een woord blijft altijd van dezelfde kracht als voorheen en er verandert niets mee. Een beeld is iets wat wel onderhevig is aan tijd. Eens in de zoveel tijd moet een beeld worden aangepast om het een eigentijds beeld te laten zijn. Het moet passen bij het bedrijf/merk/product van dat moment. Bij de aanpassing van het beeld hoort een nieuwe registratie, wat uiteraard de nodige tijd en kosten met zich meebrengt.
|